top of page

De rol van slachtoffers in het strafprocesrecht

Slachtoffers waren lange tijd nauwelijks zichtbaar binnen het strafproces: hun stem werd zelden gehoord en hun belangen kwamen nauwelijks aan bod. De laatste jaren is deze situatie ingrijpend veranderd. Slachtoffers beschikken nu over meer rechten en een duidelijkere positie binnen het strafproces. Dit roept echter vragen op: wie wordt precies als slachtoffer beschouwd, welke invloed kan men uitoefenen, en waar liggen de grenzen van deze rol?


Beeld: Renaat van Vuuren
Beeld: Renaat van Vuuren

In de traditionele juridische context waren alleen de verdachte en het Openbaar Ministerie procesdeelnemers in het strafproces. Slachtoffers hadden weinig formele plaats binnen de procedure. Tegenwoordig definieert de Nederlandse wet ā€˜slachtoffer’ breder. Onder rechtstreeks slachtoffer wordt verstaan: degene die als direct gevolg van een strafbaar feit vermogensschade of ander nadeel heeft ondervonden. Dit kan ook een rechtspersoon zijn. Daarnaast worden nabestaanden van overleden slachtoffers expliciet als niet-rechtstreeks slachtoffer erkend.[1]Ā Deze bredere omschrijving sluit aan bij Europese richtlijnen die tot doel hebben slachtoffers te erkennen en te beschermen. Zij beogen onder meer dat slachtoffers adequaat informatie, ondersteuning en bescherming ontvangen en de mogelijkheid hebben om aan de strafprocedure deel te nemen.[2]


Tot de jaren negentig kreeg het slachtoffer in het strafproces weinig aandacht. De focus lag primair op de verdachte en de waarheidsvinding. Slachtoffers hadden hooguit de rol van getuige, zonder formele rechten om actief het strafproces te beĆÆnvloeden. Deze rol is aanzienlijk veranderd. Deze ontwikkeling is mede geĆÆnspireerd door maatschappelijke eisen: slachtoffers wilden gehoord en erkend worden binnen een systeem dat historisch gezien vooral de verdachte beschermt. Het spreekrecht en de informatieplicht zijn concrete uitwerkingen hiervan.


Veranderingen voor het slachtoffer

De positie van slachtoffers is inmiddels duidelijk in de wet geregeld. Ze hebben tegenwoordig verschillende rechten die hen niet alleen informeren over het strafproces, maar hen ook de mogelijkheid biedt er actief bij betrokken te zijn en hun stem te laten horen.Ā Zo hebben zij recht op tijdige en duidelijke informatie over het verloop van de procedure, de stand van het opsporingsonderzoek en de beslissingen die door het Openbaar Ministerie worden genomen, zodat zij weten wat zij gedurende het strafproces kunnen verwachten.[3]Ā Daarnaast bestaat het recht op (rechts)bijstand, bijvoorbeeld door een gespecialiseerde slachtofferadvocaat, dat aanvangt bij de aangifte en doorloopt tot en met de behandeling ter terechtzitting.[4]Ā Indien taal een belemmering vormt, kan deze bijstand worden aangevuld met kosteloze tolkvoorzieningen. Een belangrijk instrument voor participatie is het spreekrecht tijdens de terechtzitting, waarmee slachtoffers of nabestaanden de impact van het strafbare feit op hun leven kenbaar kunnen maken en in bepaalde gevallen ook hun visie op de op te leggen straf kunnen uitspreken.[5]Ā Sinds 2016 is dit spreekrecht verruimd, in die zin dat slachtoffers hun persoonlijke beleving zonder voorafgaande inhoudelijke beperking mogen verwoorden. Tot slot kunnen slachtoffers schadevergoeding vorderen van de dader. Zij kunnen ook een beroep doen op voorzieningen zoals het Schadefonds Geweldsmisdrijven. Daarnaast hebben slachtoffers het recht om inzage te krijgen in het strafdossier. Ook kunnen zij een klacht indienen wanneer het Openbaar Ministerie besluit niet tot vervolging over te gaan.[6]Ā Bij al deze rechten geldt dat het slachtoffer een procesdeelnemer is, maar formeel geen procespartij in de zin van een civiele procedure, tenzij hij zich voegt als benadeelde partij voor schadevorderingen.[7]


Uitdagingen

Hoewel de positie van slachtoffers in het strafproces de afgelopen jaren duidelijk is versterkt, blijft de manier waarop deze rol is ingevuld niet onomstreden. Met name wordt gewezen op de spanning met enkele kernbeginselen van het strafprocesrecht, zoals het rechtsgelijkheidsbeginsel en de onschuldpresumptie. Vooral het uitgebreide spreekrecht roept kritiek op wanneer slachtoffers zich uitlaten over schuld en straf. Volgens critici bestaat dan het risico dat emotioneel geladen verklaringen de beoordeling door de rechter beĆÆnvloeden, wat ten koste kan gaan van de vereiste objectiviteit van het strafproces.[8]Ā Daarnaast wordt gewezen op het gevaar van secundaire victimisatie.Ā Indien slachtofferrechten, zoals het spreekrecht, onvoldoende zorgvuldig worden begeleid, kan actieve deelname aan het strafproces juist leiden tot hernieuwd leed voor het slachtoffer. Het proces kan emotioneel belastend zijn, zeker wanneer slachtoffers tijdens de terechtzitting rechtstreeks worden geconfronteerd met de verdachte of diens verdediging. Zonder passende voorbereiding en ondersteuning bestaat het risico dat slachtoffers zich opnieuw onveilig, overweldigd of niet gehoord voelen. In plaats van erkenning en verwerking kan het strafproces dan bijdragen aan extra stress of traumatisering, hetgeen ook wel wordt aangeduid als secundaire victimisatie.[9]Ā Tot slot wijzen verschillende juridische auteurs en praktijkjuristen op problemen bij de uitvoering van slachtofferrechten. Hoewel deze rechten op papier duidelijk en stevig zijn vastgelegd in wet- en regelgeving, blijkt de daadwerkelijke toepassing in de praktijk vaak toch te leiden tot problemen. Slachtoffers worden niet altijd tijdig of volledig geĆÆnformeerd over hun rechten of over het verloop van de procedure, waardoor zij kansen missen om deze rechten daadwerkelijk uit te oefenen. Daarnaast ontbreekt het in sommige gevallen aan voldoende begeleiding door betrokken ketenpartners, zoals politie, het Openbaar Ministerie of Slachtofferhulp. Hierdoor kan de formele versterking van de slachtofferpositie in de praktijk minder effectief blijken dan beoogd.[10]


Conclusie

De versterking van de positie van slachtoffers in het strafproces weerspiegelt een ontwikkeling waarbij het strafrecht niet langer uitsluitend is gericht op de vervolging van verdachten, maar ook oog heeft voor de persoonlijke gevolgen van strafbare feiten. Door slachtoffers een stem te geven, wordt erkend dat strafrechtelijk onrecht zich niet beperkt tot juridische schendingen, maar ook diep ingrijpt in het leven van betrokkenen. Tegelijkertijd roept deze ontwikkeling fundamentele vragen op over de balans binnen het strafproces. Naarmate de rol van het slachtoffer wordt uitgebreid, komt de verhouding tussen slachtoffer, verdachte en staat opnieuw in beeld, evenals de vraag hoe kernbeginselen zoals de onschuldpresumptie en gelijke behandeling gewaarborgd kunnen blijven. De verdere invulling van slachtofferrechten vraagt daarom om een voortdurende afweging tussen erkenning, bescherming en de essentiƫle waarborgen die het strafproces kenmerken.


[8] De rol van het slachtoffer in het strafprocesrecht - Incretus.





Logo Ad Informandum uitgeschreven rode letters-2.png
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Instagram

© 2025 Ad Informandum

bottom of page